Wat als we de inkomstenbelasting afschaffen — en daarvoor in de plaats één eenvoudige belasting op vermogen invoeren? Vul je inkomen en vermogen in, en zie wat dat voor jou betekent.
Bereken jouw belasting →Ons huidige belastingstelsel is grotendeels gebaseerd op de inkomstenbelasting. Wie werkt, betaalt. Wie vermogen heeft, betaalt nauwelijks. Dat klinkt misschien gek, maar het is precies hoe het werkt — en het is volgens belastingonderzoeker Reinier Kooiman de belangrijkste oorzaak van ongelijkheid in Nederland.
Het inzicht: belastingdruk meten we als percentage van inkomen. Maar of iemand zijn 'eerlijke deel' betaalt, hangt af van hoe rijk iemand is — zijn vermogen.
Reken even mee:
Beiden betalen 40% over hun inkomen — netjes 'progressief'. Maar als percentage van vermogen betaalt de verpleegkundige tien keer zoveel als de vermogende. Het stelsel dat ongelijkheid zou moeten verkleinen, vergroot haar.
Bron: CBS, Materiële welvaart in Nederland 2024.
Vul je bruto jaarinkomen en je vermogen in. Schuif vervolgens met het tarief en de belastingvrije voet om verschillende varianten van het nieuwe stelsel te verkennen.
Niet als percentage van inkomen, maar van vermogen — zoals Kooiman voorstelt. Wat blijkt? In het huidige stelsel betalen mensen met weinig vermogen procentueel veel meer. Het nieuwe stelsel keert dat om.
Verschil tussen oud en nieuw systeem voor verschillende combinaties van inkomen en vermogen. Groen = minder belasting in nieuw systeem.
Het risico bestaat — maar is kleiner dan gedacht. Onderzoek naar de Franse vermogensbelasting laat zien dat het effect bescheiden is, en dat sommige vermogens nu eenmaal niet mobiel zijn (vastgoed, bedrijfsbezit). Kooiman pleit voor invoering via Europese afspraken, om kapitaalvlucht te beperken. Daarnaast: wie zou willen vertrekken naar een land zonder publieke voorzieningen?
Dat is precies één van de bedoelingen: vermogen dat 'stilstaat' wordt productief gemaakt. Geld dat wordt uitgegeven gaat terug de economie in (bestedingen, investeringen), geld dat blijft staan wordt belast. Tegelijk blijft sparen aantrekkelijk: bij een belastingvrije voet van bijvoorbeeld €100.000 hoeft de gemiddelde huishouden zich nergens zorgen om te maken.
Een eigen huis is vermogen — de overwaarde wordt dus meegerekend. Daar staat tegenover dat hypotheekrenteaftrek, eigenwoningforfait en overdrachtsbelasting verdwijnen. Voor de meeste huiseigenaren met een normaal huis pakt het positief uit; pas bij dure huizen zonder hypotheek wordt het verschil voelbaar.
Op korte termijn: nee. Op lange termijn: misschien. Kooiman stelt voor om de invoering te faseren over 30 jaar, via Europese afspraken. Vergelijk het met de afschaffing van de tienden, de invoering van het algemeen kiesrecht of de bouw van de welvaartsstaat — radicale ideeën die uiteindelijk normaal werden.
Pensioenfondsen zijn collectief vermogen en zouden uitgezonderd kunnen worden of op fondsniveau belast. Voor individueel spaargeld geldt de belastingvrije voet: huishoudens met een spaarpotje van enkele tienduizenden euro's betalen niets extra. Bovendien: omdat er geen loonheffing meer is, houd je netto fors meer over van je salaris om te sparen.
Banken, beleggingsrekeningen en het kadaster wisselen al gegevens uit met de Belastingdienst (voor Box 3). Voor moeilijker te taxeren bezit — kunst, sieraden, ondernemingsvermogen — bestaan al lang waarderingsregels (erfbelasting, schenkbelasting). Een vermogensbelasting maakt deze regels eerder makkelijker dan moeilijker, omdat ze het hele stelsel vervangt.
Klopt. Reinier Kooiman pleit in zijn boek De sterkste schouders (2026) en bij VPRO Tegenlicht voor het afschaffen van álle belastingen, vervangen door één vlak vermogenstarief. Dit voorstel is bescheidener: alleen de inkomstenbelasting wordt vervangen, en met een belastingvrije voet om de allerlaagste vermogens te ontzien. Het idee — werk loont, vermogen draagt bij — is hetzelfde.
Dit voorstel staat of valt bij hoeveel mensen er bekend mee zijn. Deel de calculator. Probeer hem met je ouders, je collega's, je buren. Laat ze zelf invullen wat ze nu betalen — en wat ze straks zouden betalen. En vraag daarna: wat vind jij eerlijk?